Wiskunde

De wiskunde, die de mens leert eenvoudig en bescheiden te zijn, is de basis van alle kunsten en wetenschappen.
Laat ik jullie nog eens vertellen over wat de befaamde Jemenitische monarch Assed Abu Carib, koning van Jemen, overkwam toen hij op een dag op het bordes van zijn paleis lag te rusten en over zeven jonge maagden droomde die over een pad liepen.
Op een gegeven moment hielden die stil onder de brandende woestijnzon, omdat ze door moeheid en dorst werden gekweld.
Opeens verscheen uit het niets een prachtige prinses en bood de reizigers een kruik water aan. De goede prinses leste hun dorst, en ze vervolgden versterkt hun reis.

Toen hij wakker werd was Assed Abu Carib zo onder de indruk van deze raadselachtige droom dat hij de beroemde astroloog, Sanib genaamd, liet komen om hem te vragen wat dit visioen, dat hij - een rechtvaardige en machtige koning - in de wereld van denkbeelden en fantasie had gezien, te betekenen had.
De astroloog Sanib zei: "Heer de zeven jonge maagden die over het pad liepen waren de hemelse kunsten: schilderen, muziek, beeldhouwkunst, architectuur, redekunst, dialectiek, en filosofie. De goede prinses die hen te hulp schoot was de grote en wonderbaarlijke wetenschap van de mathematica. Zonder hulp van de mathematica," vervolgde de wijze man, "konden de kunsten zich niet ontwikkelen en zouden alle wetenschappen verloren gaan."

Uit: "De man die kon rekenen" van Malba Tahan

Wiskunde (minder gebruikelijk: mathematiek, mathematica of mathesis) is een van de oudste wetenschappen en heeft bijgevolg een lange en rijke geschiedenis. Zij is een formele wetenschap waarvan de gebruikelijke definitie is: het bestuderen van patronen en structuren. In de meeste talen is het woord voor wiskunde afgeleid van het Griekse woord μάθημα (máthèma), dat wetenschap, kennis of leren betekent. Voorbeelden: Engels: mathematics, Duits: Mathematik, Frans: mathématiques. Het Nederlandse woord wiskunde is door Simon Stevin in de 17e eeuw als wisconst (kunst van het gewisse of zekere) aan deze wetenschap verbonden.

De wiskunde, zoals ontstaan uit de rekenkunde, is reeds bekend in de vroegste culturen. Zo is uit Egypte de Rhind-papyrus bekend. De Babyloniërs ontwikkelden een geavanceerd getallensysteem gebaseerd op het getal 60. Ook gebruikten zij algebraïsche formules en tafels met machten om berekeningen sneller te kunnen uitvoeren. Bovendien kenden zij reeds de stelling van Pythagoras.

De wiskunde als abstracte wetenschap werd het eerst beoefend in het klassieke Griekenland, waar bijvoorbeeld Euclides zijn 5 axioma's formuleerde die meer dan twintig eeuwen stand hielden. Vanuit deze axioma's bouwden hij en zijn volgelingen de meetkunde als zelfstandige tak van de wiskunde op. Met de ondergang van de Griekse cultuur kwam de ontwikkeling van de wiskunde in het Westen tijdelijk tot stilstand.

Pas in de middeleeuwen pakten Arabische wiskundigen de draad weer op. Via hen werd bijvoorbeeld het cijfer 0 vanuit India in Europa geïntroduceerd. Een bloeiperiode begon met het werk van al-Chwarizmi rond 790 en de vertaling van Griekse teksten. Aan al-Khwarizmi wordt het ontstaan van de algebra toegeschreven. Het woord algoritme is van zijn naam afgeleid. Het duurde tot na de Middeleeuwen voor Europa de leidende rol van de Arabische cultuur kon overnemen.

Tegenwoordig is wiskunde niet meer weg te denken uit het dagelijks leven, op allerlei manieren passen wij het immers toe en we worden er reeds op jonge leeftijd, in meerdere of mindere mate, mee geconfronteerd.